“Als iemand ernstig ziek is of in paniek raakt, valt die terug op zijn moedertaal. Dan is het fijn als je elkaar meteen begrijpt.” De rubriek Vers Bloed geeft nieuwe medewerkers een podium. Wat bracht hen naar Amsterdam UMC? En ook iets persoonlijker: wat is het beste advies dat ze ooit kregen? In 5 vragen leren we ze alvast een beetje kennen. Dit keer in de schijnwerpers: Michelle Kramer, verpleegkundige bij het Neurocentrum én de eerste deelnemer aan het leerwerktraject Nieuwkomers in hun kracht die haar BIG-registratie wist te behalen. Wat maakt Amsterdam UMC uniek voor jou?
“Eerlijk is eerlijk, toen ik naar Nederland verhuisde, dacht ik dat ik even hélemaal klaar was met de zorg. In Engeland werkte ik zeven jaar als verpleegkundige, onder andere in een groot academisch ziekenhuis in Leeds, vergelijkbaar met Amsterdam UMC. Ik stond op de spoedeisende hulp en later bij interventionele radiologie (red.: een medisch specialisme dat met behulp van beeldvorming zoals röntgen, CT en echo minimaal invasieve behandelingen uitvoert). Sinds corona was het daar zó druk en stressvol, mede door personeelstekorten… ik was volledig uitgeput.
Onze verhuizing naar Amsterdam kwam daar nog bovenop. Mijn vriend, werkzaam in de IT, moest voor zijn werk naar hier en we hadden zes weken om alles te regelen. Ik zat midden in een promotietraject en ineens was het: okay, we’re moving. Nogal een omschakeling wel.
Eenmaal in Nederland werkte ik eerst in een koffiebar. Dat gaf me de ruimte om bij te komen en mezelf af te vragen: wil ik eigenlijk nog wel terug de zorg in? Een paar maanden later hoorde ik tijdens een bijeenkomst voor expats over
het traject Nieuwkomers in hun kracht van Amsterdam UMC. Dat sprak me meteen aan. Je leert de taal en het Nederlandse zorgsysteem kennen, werkt tegelijkertijd in de praktijk en wordt begeleid richting je BIG-registratie. Toen ik solliciteerde, wist ik het eigenlijk al: dit is mijn plek. Een academisch ziekenhuis, dat past gewoon bij mij. Innovatie, complexe zorg, elke dag iets nieuws leren. Het voelde als thuiskomen.
Dat ze eerst goed Nederlands moest leren, vond ze logisch. “Maar iedereen spreekt hier toch Engels, hoorde ik vaak. In de zorg werkt dat niet zo. Als iemand ernstig ziek is of in paniek raakt, valt die terug op zijn moedertaal. Dan is het fijn als je elkaar meteen verstaat. Op een neuroafdeling geldt dat misschien nog wel sterker, omdat patiënten soms moeite hebben met praten of met begrijpen. Die taalcursus is dus niet alleen om Nederlands te leren, maar vooral om goede en veilige zorg te kunnen bieden.”
Welke kwaliteiten moet je voor deze functie in elk geval hebben?
“Het belangrijkste: aanpassingsvermogen. In het Neurocentrum liggen patiënten die niet goed kunnen praten, een verminderd bewustzijn hebben of moeilijk aanspreekbaar zijn. Dan kun je niet je standaard vragenlijstje afdraaien. Je moet steeds schakelen, wat werkt bij déze patiënt?
Bij een oriëntatietest bijvoorbeeld vraag je normaal: waar zijn we, welke dag is het, wat is de datum? Maar als iemand moeilijk uit zijn woorden komt, maak ik het simpeler. Zijn we in een zwembad of in een ziekenhuis? Of ik stel een vraag waarbij iemand iets kan aanwijzen. Je zoekt steeds naar een ingang, een manier om contact te maken.
Lacht: “Plus je moet accepteren dat een plan hier eigenlijk nooit volgens plan verloopt. Laatst weer dacht ik: nog één ronde over de afdeling, administratie bijwerken en dan ben ik vandaag een keer op tijd klaar. Maar vervolgens moest ik eerst een arts assisteren, kwam er daarna een spoedgeval binnen en voor ik het wist, liep mijn hele dienst totaal anders. Dat is werken in de zorg. Je kunt een planning maken, maar uiteindelijk bepaalt de patiënt hoe je dag eruitziet.
Wat mij helpt is dat ik bijna altijd naar huis ga met hetzelfde gevoel: ik heb vandaag iets goeds gedaan. Soms is dat iets medisch, soms gewoon iemand geruststellen of écht luisteren. Juist die combinatie maakt dit werk zo waardevol. Het geeft me zingeving.”
Amsterdam UMC werkt met kernwaarden Zorgzaam, Initiatiefrijk en Nieuwsgierig (Z.I.N.). Welke van deze waarden past het beste bij jou?
“Nieuwsgierig, absoluut. Ik ben altijd iemand geweest met heel veel vragen. Als kind al wilde ik alles begrijpen, tot wanhoop van mijn ouders soms, en dat is nooit veranderd. Daarom past het Neurocentrum zo goed bij mij. Over de hersenen weten we nog zoveel niet en juist dát maakt het vakgebied zo fascinerend. Er is altijd iets nieuws te leren.
Die nieuwsgierigheid helpt me ook in het contact met patiënten. Want als je echt doorvraagt en oprecht geïnteresseerd bent, hoor je vaak wat er werkelijk speelt. Zo sprak ik laatst een patiënt die zei dat het ‘wel ging’. Als ik dat had geaccepteerd, waren we snel klaar geweest. Maar ik gaf nog niet op. Drie vragen later vertelde hij me dat hij toch veel stress had: zorgen over de mantelzorg thuis, moeite met de taal en onzekerheid over hoe het nu verder moest. Alleen al het feit dat iemand zijn verhaal kan doen, vermindert die spanning. Dat helpt niet alleen mentaal, maar ook in het herstelproces. Dan zie je dat goede zorg verder gaat dan alleen het medische.”
Hoe ziet je ideale zondagochtend eruit?
“Rustig wakker worden met een bakkie en daarna met mijn vriend naar de bakker in de buurt voor verse pains au chocolat. Vervolgens op de fiets naar ’t Twiske om daar op een bankje aan het water te ontbijten.
Als fijne afsluiter een playdate met Luigi en Mila, onze geadopteerde zwerfkatten uit Cyprus. Luigi hebben we inmiddels allerlei trucjes geleerd. Hij kan apporteren en zelfs fist bumps geven, toffe partytricks wel.”
Wat is het beste advies dat je ooit hebt gekregen?
“Als kind wilde ik alles perfect doen, een ten out of ten. Maar mijn opa zei altijd: je moet nooit perfect willen zijn. Als iets perfect is, valt er niets meer te leren. Zelf verzorgde hij het speelveld van een cricketclub en daar won hij zelfs prijzen mee. Toch zei hij dan: ‘Het ergste wat je tegen me kunt zeggen, is dat het veld er perfect bij ligt.’ Want dan is er geen ruimte meer om beter te worden. Hij vroeg juist om feedback. Dat advies helpt me nog steeds, geeft rust. Je hoeft niet perfect te zijn. Het gaat erom dat je blijft groeien, elke dag een beetje beter.”
Nieuwsgierig? Wil je meer weten over de afdeling Neurocentrum, bekijk dan de afdelingspagina en vacatures.