Rolmodel Winggo Pang

"Diversiteit moet je niet alleen laten zien, je moet het vooral ook dóen"
6 minuten leestijd

Wie?

“Ik maak met trots deel uit van verschillende communities,” vertelt Winggo Pang, Medical Educator bij het Teaching & Learning Center (TLC). Hij groeide op in Antwerpen, zijn ouders komen uit Hong Kong. “Ik behoor tot de lhbtiq+ community, ben Vlaming en heb Aziatische roots. Voelde ik me vroeger nog weleens een vreemde eend in de bijt – Where do I belong? – , inmiddels zie ik mezelf als een wereldburger, die het beste van al die verschillende werelden meepikt.”
In Gent behaalde Winggo zijn master in de Geneeskunde, hij studeerde zelfs Magna Cum Laude af. Maar bij de medische vervolgopleiding Interne geneeskunde ging het mis. “In het voorlaatste jaar kreeg ik een burn-out. Lange dagen, veel stress en studeren in je eigen tijd. Het was veel, zeker als je het allemaal goed wilt doen. De werkcultuur tijdens mijn opleiding tot specialist hielp ook niet mee. Vragen stellen werd niet op prijs gesteld en ruimte voor eigen inbreng was er nauwelijks. De werkvloer zou toch een veilige plek moeten zijn waar nieuwsgierigheid en bevlogenheid worden gewaardeerd? Waar je de ruimte krijgt om fouten te maken én te groeien? In zo’n sterk hiërarchische omgeving zonder enige vorm van autonomie brandde ik volledig op.”
Mindfulness, gesprekken met een psycholoog en geduld hielpen hem er weer bovenop. “Ik raad het iedereen aan om in therapie te gaan. De nieuwe inzichten die je verkrijgt, neem je voor de rest van je leven mee.”
Winggo keerde niet meer terug naar de opleiding tot internist, maar ging aan de slag binnen het domein van de Klinische Infectiologie en Medische Microbiologie. Een internationaal congres van de Europese vereniging voor klinische microbiologie en infectieziekten (ECCMID) én een toernooi van de Gay and Lesbian Tennis Alliance brachten hem naar Amsterdam, een plek waar hij zich al snel thuis voelde. “Een heerlijke melting pot vol wereldburgers. Hier zag ik mezelf wel wonen. En dus ging ik er op zoek naar werk.”

Specialiteit?

Amsterdam UMC leek hem een mooie plek om zijn klinische ervaring in te zetten. Maar in zijn zoektocht trok een andere functie zijn aandacht. Namelijk die van Medical Educator, destijds in 2019 nog een gloednieuwe functie binnen het TLC van het Amsterdam UMC. “Onderwijs heeft mij altijd nauw aan het hart gelegen. Op de Universiteit Gent zat ik in verschillende onderwijsraden en commissies met als doel het onderwijs te verbeteren. Als Medical Educator zou ik me gaan richten op het ontwikkelen en geven van kleinschalig onderwijs en de begeleiding van studenten. Bijna vier jaar later voelt het nog altijd als de perfecte match.”
“Hoe en op welke manier iets overgebracht moet worden naar het doelpubliek, daar zijn wij als Medical Educators dé specialisten in. Kwalitatief onderwijs neerzetten doe je trouwens nooit alleen. Bij de nieuwe master Geneeskunde van de UvA creëren mijn collega’s en ik samen nieuwe activerende onderwijsvormen voor zowel zelfstudie als het contactonderwijs: kennisclips, interactieve video’s e-learnings, maar ook pubquizzen, escaperooms, serious games en virtual reality. Alles om de toekomstige coassistenten zo goed mogelijk voor te bereiden op de werkplek, als volwaardig medewerker in het ziekenhuis. In samenwerking met de afdeling medische informatiekunde heb ik bijvoorbeeld een onderwijs elektronisch patiëntendossier (EPD) ontwikkeld, zodat studenten al tijdens de onderwijsweken leren hoe zij klinische informatie kunnen verwerven en verwerken in een elektronisch patiëntendossier. De volgende stap is dit onderwijs ook evalueren, het liefst wetenschappelijk. Hier heb ik al veel ideeën over.”
In de nieuwe master is ook ruimte voor mentaal welzijn. “Een belangrijk onderwerp, gezien de hoeveelheid burn-outs onder studenten, artsen en aiossen. Je kunt pas goed voor je patiënt zorgen als je ook goed voor jezelf kunt zorgen. Dat heb ik aan den lijve ondervonden. Deze ervaring neem ik mee in het onderwijs, door een veilige leeromgeving te creëren. Een absolute voorwaarde om te kunnen groeien. Aan mijn leerlingen geef ik mee dat ze hier zijn om te leren, dat er geen domme vragen noch antwoorden bestaan en dat een leeromgeving dé plek is om je feilbaarheid te tonen.”

Amsterdam UMC gaat voor divers en inclusief. Waar liggen kansen?

“Toen ik hier net was begonnen dacht ik nog: met die diversiteit zit het hier wel goed. Op mijn opleiding in België waren de mensen met andere roots op twee vingers te tellen. Hier zie je een mooie mix van studenten. Maar inmiddels weet ik dat ook hier nog veel werk aan de winkel is. Studenten met een migratieachtergrond hebben nog altijd minder kans op studiesucces of een carrière tot bijvoorbeeld specialist. En het docentenkorps kan wel wat meer kleur gebruiken. Ondanks dat er hier al veel mooie initiatieven zijn rondom het thema diversiteit, voelt het soms toch ook wat gekunsteld. Het rolmodellenproject bijvoorbeeld toont wel diversiteit, maar draagt niet bij aan een duurzaam diversiteitsbeleid zolang de organisatiecultuur niet mee verandert. Een apart ingerichte pagina vol met rolmodellen is niet genoeg om mensen, in al hun diversiteit, in dagelijkse situaties het gevoel te geven dat ze een gelijkwaardig onderdeel zijn van een organisatie. Dat ze ergens hóren in plaats van erbij horen. Diversiteit moet je niet alleen laten zien, je moet het vooral ook dóen. Met openheid en nieuwsgierigheid naar je medemens kom je al een heel eind. Stel vragen en duik eens in de leef- en denkwereld van iemand die anders is dan jij.”

Een goed voorbeeld van inclusieve samenwerking binnen Amsterdam UMC?

“De UvA heeft een paar jaar terug de Fair, Resilient & Inclusive Societies (FRIS)-beurs in het leven geroepen, om een inclusieve leeromgeving te creëren en stimuleren. Dit jaar heb ik zo’n beurs in de wacht gesleept met een idee geïnspireerd op het VU Mixed Classroom Onderwijsmodel. Dat onderwijsmodel gaat over bewustwording en daarna ook het benutten van individuele verschillen om de leerervaring te verrijken. Met die beurs hoop ik dit model te implementeren binnen de master Geneeskunde van de UvA. Zodat studenten straks de juiste competenties hebben om samen te werken met, en zorg te kunnen verlenen aan mensen met diverse achtergronden. Ik wil me ook op de docenten richten door integratie van dit model binnen het Basiskwalificatie Onderwijs programma. Zijn zij zich bewust van de individuele verschillen in hun eigen groep? Wat hebben ze nodig om een inclusieve leeromgeving te creëren en stimuleren? De beurs bestaat uit 80 ontwikkelingsuren waarmee ik mijn idee hoop uit te werken en te integreren in het huidige onderwijs.”

Buiten werktijd?

“Tennis, volleybal, basketbal, yoga, talen via Duolingo, piano, … ik ben een echte duizendpoot. Vooral van sporten word ik blij. Mens sana in corpore sano immers, een gezonde geest in een gezond lichaam. Tennis is in mijn optiek de meest complete sport. Niet alleen moet je fysiek in goede conditie zijn, er komt ook techniek en tactiek bij kijken. En hoe ervaren je ook bent, je blijft leren. Tijdens een wedstrijd kom je jezelf pas echt tegen. Doorzettingsvermogen, mentale weerbaarheid, obstakels die je ook in het echte leven moet overwinnen. Uiteindelijk is de wedstrijd pas voorbij als het laatste punt is gespeeld.”

Heb je nog vragen aan Winggo of wil je meer weten over diversiteit & inclusie binnen Amsterdam UMC? Mail dan naar

diversiteit@amsterdamumc.nl

Tekst: Sophie Verschoor

Lees meer verhalen