Ambassadeur Michèl Tromp

"We zijn pas inclusief als iedereen bij het koffiezetapparaat zonder schroom en zonder zelfcensuur over hun privéleven kan praten". 
4 minuten leestijd

Wie?


“Via een scheikundestudie, een onderzoeksfunctie in de farmacie en een uitstapje als raadslid ben ik uiteindelijk op de communicatieafdeling van Amsterdam UMC beland. Op mijn cv een kleurrijk palet aan banen, maar inmiddels zit ik hier al elf jaar lang op mijn plek.” Michel Tromp is adviseur Online Landschap. “Van websites en apps tot chatbots en digitale formulieren, binnen de muren van Amsterdam UMC ben ik mister online.” Buiten die muren is hij ook nog man van Irtiza en vader van vijf kinderen. “Bij vier verschillende vrouwen. Jaja. Ik ben namelijk een niet-anonieme zaaddonor bij twee lesbische koppels.”

Waarmee kunnen collega’s/pers bij je aankloppen?


“Een nieuwe website of app, advies over een bestaande site, sparringpartner bij de doorontwikkeling, een digitaal formulier, fouten in de chatbot, tips over Google Analytics, klop vooral bij mij aan als het ook maar iets met online te maken heeft.”

Waarom zet je je in voor de gezondheidszorg?


“Ik sta natuurlijk niet met de handen aan het bed. Maar met mijn werk kan ik er bijvoorbeeld wel voor zorgen dat de administratiedruk van het zorgpersoneel omlaag gaat en ze meer tijd overhouden voor patiëntenzorg of onderzoek. Voor de AMR (AMC Medical Research BV, red.) heb ik bijvoorbeeld 36 digitale formulieren ontwikkeld zodat de medewerkers daar meer tijd overhouden voor andere zaken, namelijk het ondersteunen van de onderzoekers bij hun medisch-wetenschappelijke onderzoeksprojecten. Zo lever ik op mijn manier ook een bijdrage aan betaalbare, goede zorg. Dankbaar werk.”

Amsterdam UMC gaat voor divers en inclusief. Waar liggen kansen?


“Toen Amsterdam UMC in 2018 voor het eerst meevoer met een boot tijdens de botenparade van de Pride Amsterdam – ik maakte toen deel uit van de organisatie - kwam een van de opvarenden naar me toe: ‘Ik werk hier al 25 jaar maar vandaag heb ik voor het eerst het gevoel dat ik mag zijn wie ik ben.’ Dat vond ik hartverscheurend. We zijn pas inclusief als iedereen bij het koffiezetapparaat zonder schroom en zonder zelfcensuur over hun privéleven kan praten. Dat je als vrouw gewoon kunt zeggen dat er thuis een vrouw op je zit te wachten of dat je als man kunt zeggen dat je in het weekend weer als Joke op pad bent geweest. Niet altijd maar op je woorden moeten letten, dat zou zoveel spanning en stress wegnemen bij mensen. Hoe vrijer en fijner mensen zich voelen op de werkvloer, hoe beter ze presteren. Dat betekent ook dat je moet kunnen praten over eventuele ongemakkelijkheden. We zijn allemaal maar gewoon mensen en soms zeggen we iets doms. Benoem dat, leg iemand uit waarom het een belediging is voor je. Zet iemand niet meteen buitenspel met grote woorden als racist, seksist. Die cancelcultuur van nu is alles behalve inclusief. We zijn aan het leren, dat gaat met vallen en opstaan. Maar met wederzijds respect en openheid komen we er wel.”

Een goed voorbeeld van inclusiviteit binnen Amsterdam UMC?


Met die prideboot laten we vooral aan de buitenwereld zien dat we er voor iedereen willen zijn. Hartstikke mooi natuurlijk dat we als organisatie meevaren en zichtbaar zijn, maar hoe vaak zeggen we binnen de muren van ons ziekenhuis eigenlijk dat je er mag wezen? Met steun uit de raad van bestuur zijn we met de pridewerkgroep een project gestart om die boodschap ook intern te verspreiden. Zo willen we een Maand van Gelijkwaardigheid organiseren met allerlei activiteiten. Denk bijvoorbeeld aan een Equality Tree op een centrale plek op de beide locaties, waar mensen anoniem een boodschap in kunnen hangen. Waar lopen ze tegenaan? Waar voelen ze zich onzeker over? Hebben ze misschien iets meegemaakt met collega’s? Wij gaan aan de slag met de input uit die boom. Een ander idee is om medewerkers bij de ingang een equality speldje op te prikken, vergezeld van een boodschap als ‘jij mag er zijn!’. Hopelijk leidt dat tot open gesprekken met elkaar.”

Buiten werktijd?


“Van pijlstaartinktvis tot lamstestikels en zebrasteaks, mijn man ik en vinden het heerlijk om van het eten thuis wat bijzonders te maken. Verder hou ik enorm van reizen. Of nee, dat zeg ik verkeerd. Reizen haat ik maar ik vind het fantastisch om ergens anders te zijn. Japan heeft bijvoorbeeld echt mijn hart veroverd. Die cultuur daar is zo anders dan de onze. Ik dompel me daar met mijn neefje Pepijn graag in onder. Even helemaal uit onze comfortzone, want Engels wordt er nauwelijks gesproken. En verder pak ik af en toe een feestje mee. Opladen door helemaal te ontladen.”